Fotograferen in fel zonlicht: zo doe je dat!

Fotograferen in fel zonlicht – 5 tips om het makkelijker te maken

Veel fotograferen vermijden als het even kan een fotoshoot in fel zonlicht. Zonde vind ik, want met wat simpele trucjes kun je makkelijk op ieder moment van de dag buiten fotograferen. Niet alleen verleng je zo je eigen opdracht mogelijkheden (hallo 8 extra fotografie uren in een dag), maar nog veel vaker kun je ook niet anders (zoals bij een buiten bruiloft). 

 

In zo’n geval is het wel zo handig dat je weet hoe je die felle zon in je voordeel kunt gebruiken. Daarom geef ik je in dit blog 5 tips om voortaan met zelfvertrouwen in fel zonlicht te fotograferen. 

Fel zonlicht – wat doet het?

Voor we in de tips duiken, eerst even wat achtergrondinformatie. Want waar komt nu eigenlijk die fobische houding van fotografen ten opzichte van een lekker zonnetje vandaan? 

 

Een zon die hoog aan de hemel staat voor erg hoge hooglichten en erg diepe schaduwen. Of te wel: er kunnen grote contrasten ontstaan in één foto. Dit noemt men ook wel hardlicht. Deze contrasten zijn niet prettig om naar te kijken. Wanneer je met een model werkt zul je dit direct ervaren. De hoge zon zorgt er namelijk voor dat het zonlicht vrijwel recht naar beneden schijnt. Je ziet dit op het model terug door behoorlijke schaduwen onder bijvoorbeeld de ogen en in de nek. 

 

Daarnaast kun je er vanuit gaan dat je model het niet heel prettig vindt om direct in de zon te kijken. Om knijpende ogen en slagschaduwen te voorkomen, kun je de volgende tips eens proberen.

 

1. Gebruik een flitser

Bij portretfotografie is dit een perfecte oplossing. Zoals ik hierboven al zei: slagschaduwen zorgen voor vervelende schaduwen op het gezicht van het model. Met een flitser kun je deze schaduwen oplichten. 

Je hoeft ze niet he-le-maal weg te flitsen, die schaduwen. Want dan loop je het risico dat je alle structuur uit het gezicht wegflitst. Dan ontstaat er een oninteressant vlak met twee ogen om naar te kijken. Dat moet je vanzelfsprekend niet willen. Een beetje contrast maakt een foto juist interessant om naar te kijken.

 

Op de foto hieronder zie je bijvoorbeeld dat het zonlicht van linksboven komt. Ik heb Sara van de zon afgedraaid. De zon zorgt zo voor een mooi rim light aan haar linkerzijde. Haar gezicht heb ik lichtjes ingeflitst met een Profoto B10 plus. Precies genoeg flitslicht dat ervoor zorgt dat haar gezicht er natuurlijk uit blijft zien.

2. Tegenlicht & reflectors

Plaats je model met de rug naar de zon. Hiermee voorkom je dat ze gaan knijpen met hun ogen! Het nadeel hiervan is dat dit betekent dat jij als fotograaf vol tegen de zon in fotografeert. In eerste instantie zal jouw model dus in groot contrast staan met de achtergrond. Je kunt dit op twee manieren oplossen. 

 

Allereerst: belicht je camera op het model. Hiermee bedoel ik dat je je camera zo moet instellen dat jouw model mooi belicht is. ‘Maar dat is logisch toch?’ hoor ik je nu denken. Natuurlijk. Je moet immers altijd zorgen dat het onderwerp van de foto goed is belicht.

 

In dit geval echter, zal dit helaas als gevolg hebben dat de achtergrond zo goed als overbelicht is. Je moet je camera namelijk flink bijstellen wanneer je tegen de zon in fotografeert. 

 

Je kunt denken: ‘nou die overbelichte achtergrond neem ik dan maar voor lief.’ Als je model maar goed is belicht, maar de setting van een fotoshoot is vaak te mooi om niet mee te nemen in je frame. Het is dan ook sonde wanneer deze helemaal overbelicht is. 

 

Gelukkig hebben we daar een oplossing voor. Het gebruik van een reflector!

 

Door gebruik te maken van een reflector kun je zowel de achtergrond mooi belichten, als je onderwerp uit de foto laten springen (door de reflector op jouw model te richten). 

 

Het enige waar je op moet letten is dat een reflector vrij fel kan zijn. Vraag daarom altijd even aan jouw model of ze daar last van heeft. 

3. Gebruik een diffusor

Een diffusor zorgt ervoor dat slechts een deel van het zonlicht wordt doorgelaten waardoor er een meer gelijke verdeling van het licht ontstaat. 
 
Het licht valt dan minder hard op het model, waardoor de contrasten minder groot worden. 
 
Dit werkt ook goed voor mensen die bijvoorbeeld blond of kaal zijn. Fel zonlicht kaatst natuurlijk extra op lichte oppervlakken. Een diffusor kan er voor zorgen dat dit wat afvlakt. 
 
Op de foto hieronder heb ik ook een diffusor gebruikt. Zoals je ziet is het licht zo een stuk zachter. De schaduwen en hooglichten zijn veel mooier in balans. 
 

 

4. Zoek (interessante) schaduwen op

Als al het bovenstaande niet werkt, zoek dan de schaduw op! Je kunt op zoek gaan naar interessante schaduwen (zoals die van een palmblad bijvoorbeeld) om zo een creatieve dynamiek in de foto te creëren. 

 

Je kunt ook je model helemaal in de schaduw zetten natuurlijk. Zelf vind ik het wel mooi als er nog iets van zon op het model valt. Zoals bij de foto hieronder. Sara heeft toch nog wat zon op haar schouders en in het haar. Dit zorgt er voor dat ze los komt van de achtergrond en er niet in wegvalt. De hoed voorkomt in dit geval dat de zon in haar gezicht schijnt, waardoor er toch een rust in de foto zit die prettig is om naar te kijken. 

5. Fotografeer als Da Vinci – de licht driehoek

Leonardo Da Vinci stond bekend om de bijzondere lichtinval die hij in in zijn werk gebruikt. Zo realistisch, dat het lijkt alsof er daadwerkelijk zon op het doek scheen terwijl hij het schilderde.
 
Om te verduidelijken wat ik bedoel, gebruik ik onderstaande foto van Vera als voorbeeld.
 
Tijdens deze shoot vroeg ik Vera steeds om een klein beetje te draaien met haar gezicht. Dit doe ik om te voorkomen dat de helft van haar gezicht in de schaduw valt en de andere helft in de zon. Daardoor zou er namelijk een onrustig portret ontstaan. 
 
Ik liet haar haar houding steeds zo bijstellen tot ik het effect kreeg dat ik beoogde.
 
Welk effect bedoel je dan Lenneke? Het gaat er hierbij om dat je het model zo laat draaien dat op haar wang een lichtdriehoek ontstaat. 
 
Hierdoor voorkom je dat het gezicht in tweeën wordt gesplitst (licht vs. donker). De licht driehoek zorgt zo voor een spannend contrast.
 

Bonustip: foto omzetten naar zwart/wit

En mocht je bij het nabewerken dan alsnog niet helemaal tevreden zijn over het resultaat, dan kun je altijd nog kiezen om een foto om te zetten naar zwart/wit! 
 
Zwart en wit zijn natuurlijk de grootste contrasten in de wereld van kleur. Al zijn het officieel geen kleuren natuurlijk, maar je snapt mijn punt. Een zwart/wit foto gaat dan ook errrug lekker op een frame met veel contrasten! 
 

En dan nu, hup aan de slag!